Het beeldscherm staat recht tegenover de medewerker op een afstand van 50 tot 70 cm van de ogen en het midden van het scherm staat op of onder ooghoogte. Het toetsenbord en de muis kunnen met ontspannen armen worden bediend, waarbij de arm ondersteund wordt. Bij werkplekken waarvan meerdere medewerkers gebruik maken, kan het nodig zijn het beeldscherm op verschillende hoogtes en afstanden in te stellen. Een zwenkarm kan dit gemakkelijk mogelijk maken.
Hinderlijke spiegelingen, reflecties van verlichting of lichte oppervlakken die zichtbaar zijn in het beeldscherm, maken het moeilijker om waar te nemen wat er op het beeldscherm getoond wordt. Deze extra inspanning leidt tot slechte werkhouding, oogvermoeidheid en hoofdpijnklachten. Een bedrijf moet voorkomen dat er iets in het beeldscherm weerspiegeld wordt als je er achter zit én voorkomen dat er direct achter het beeldscherm sterk lichtende oppervlakken zijn: tegenlicht (bijvoorbeeld lampen, sterk verlichte witte muur, raam met onvoldoende zonwering).